

AOM 246, Stationsplein, 189x.
Foto: verzameling René van Lier
Home > Tram > Paardentram > Serie > Serie 35(238-249)
Amsterdamsche Omnibus Maatschappij - Serie 238-249
Serie: 238-249
Type: kleine open paardentramrijtuig
Bouwjaar: 1896
Fabrikant wagenbak:
Amsterdamsche Omnibus Maatschappij, Amsterdam
Lengte : 4790 mm(wagenbak met balcons)
Lengte : 3590 mm(wagenbak zonder balcons)
Lengte : 600 mm(balcons)
Breedte:
Breedte:
Hoogte:
Radstand: 1500 mm
Wieldiameter:
Gewicht :
Aanschafprijs :
Passagiersindeling : 20-6
De paardenartsen Mazure en Goethals hadden de AOM er toe gebracht om alle niet verbouwde standaard open paardentrambijwagens, die nu eenmaal meer passagiers konden vervoeren dan de standaard dichte wagens door twee paarden te laten trekken. Dit was reden voor de AOM om te trachten een open wagen in dienst te brengen die echt door één paard zou kunnen worden getrokken. Als proef verschenen toen twee wagens, de 212 en 213, van een eigen ontwerp op de straat. Het werd een succes, wellicht mede omdat het publiek zeer ingenomen was met de omklapbare rugleuningen, waardoor meer vóóruit kon worden gereisd. De wagens waren bij aflevering voorzien van hoger geplaatste luifels en regenlijsten. De remblokken zaten aan de binnenkant van de wielen. In navolging op deze wagens werden meerdere series gebouwd waaronder deze vrijwel gelijke serie 238-249.
Deze wagens waren bij aflevering in de nieuwe kleurstelling blauw met bruine panelen. De maatschappijnaam werd voluit op het onderpaneel gezet, eerst met grote letters over de gehele lengte en vervolgens met kleinere letters op drie regels in het midden.
Verder hadden ze langwerpige koersborden opzij op het dak en ronde op de kop van de luifels te plaatsen en voorts stonden er drie kortere borden opzij op het dak en kopborden in per lijn verschillende vorm en kleur.
Van 1888 tot 1894 stonden in plaats van de zijkoersborden reclameborden met de tekst "Van Houten's Cacao de beste - goedkoopste in gebruik"op het dak. Kort na de invoering hiervan kwam er één kort zijkoersbord midden op het bovenpaneel.
Na 1895 werd begonnen met het plaatsen van lichtopeningen met verwisselbare gekleurde glazen voor lijnaanduiding bij avond. Zij kwamen in de bovenpanelen rechts opzij, bij de reeds aanwezige lampen, die licht naar voren en naar achteren gaven door openingen in de kopschotten en tevens het inwendige van de rijtuigen verlichtten. De bel hing aan de rand van de luifel. Dit bleef zo, toen de luifels hoger werden gezet. De wagens uit deze serie werden pas in 1897 geleverd en hadden dit reeds bij de bouw.
In 1900 kwamen de wagens in handen van de Gemeentetram Amsterdam(GTA). Van 1900 af werden op een aantal lijnen geen kopborden meer gebruikt, maar een klapbord dwars midden op het dak.
In 1901 werden de wagens voorzien van grotere balkons, waardoor het aantal staanplaatsen toenam van 6 tot 12 en de indeling dus 20-12 werd.
Bij de Gemeentetram werden al snel een aantal paardentramwagens provisorisch in gebruik genomen als elektrische bijwagen. Deze wagens werden provisorisch als aanhangrijtuig gebruikt, waarbij zij wel van koppelingen werden voorzien, maar bijvoorbeeld nog niet van elektrische verlichting. Deze wagens reden sindsdien afwisselend als bijwagen en als paardentram in de dienst. Een definitieve wijziging tot elektrische bijwagen vond later plaats. Uit deze serie heeft geen van de wagens provisorisch elektrische bijwagen dienst gedaan.
In 1904 werden alle bijwagens 238-249 verbouwd tot elektrisch aanhangrijtuig. Hierbij daalde het aantal zitplaatsen van 20 tot 18(indeling werd dus 18-12), doordat twee van de omklapbare dwarsbanken werden vervangen door twee één persoons- en twee tweepersoons bankjes, zodat de conducteur bij het bedienen van de passagiers minder vaak buitenom over de treeplank behoefde te balanceren. De wagens kregen bij de ombouw tot elektrische bijwagen meerdere aanpassingen. Hierbij kregen de wagens elektrische verlichting en elektrische schelgeleidingen. Het ging ook om het aanbrengen van elektrische koppelingen, het vervangen van de kettingen op de balkons door afsluithekjes, het aanbrengen van nieuwe treeplanken, het aanbrengen van betaalkleppen in plaats van schuifjes voor het bedienen van de reizigers op het voorbalkon vanuit het middengedeelte van de wagens.
De komst van nieuwe open bijwagens in 1912/1913 maakte de serie overbodig en tussen 1914 en 1916 werden de wagens gesloopt of verkocht.
De paardentramlijn Amsterdam - Sloterdijk, die sinds eind 1905 in handen van de Gemeente Amsterdam was gekomen en daarmee werd toegevoegd aan het tramnet van de Gemeentetram Amsterdam reed in de eerste jaren van haar GTA-bestaan met eigen dicht en open paardentrammaterieel uit de voormalige AOM-vloot en werd sindsdien geëxploiteerd vanuit de remise Brouwersgracht. Op 9 maart 1906 werd de lijn doorgetrokken naar het Haarlemmerplein en tevens had de lijn inmiddels het lijnnummer 12 gekregen. Op 1 december 1906 werd de lijn echter weer teruggetrokken tot het Nassauplein, omdat men vond dat paardentramlijn 12 en elektrische tramlijn 5 elkaar toch wel hinderden. Men was voornemens om de lijn uiteindelijk te vervangen door een autobuslijn, maar dit resulteerde in een fiasco, zodat men rond 1913 toch besloot over te gaan tot elektrificatie van de lijn. Maar door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog bleek dit voorlopig niet mogelijk. De oude paardentrams die nu dienst deden vertoonden langzamerhand wel zoveel gebreken dat men een aantal betere exemplaren aan het stadsnet, waar ze als bijwagen van de elektrische tram hadden dienst gedaan, onttrok om aldus de dienst naar Sloterdijk te kunnen blijven exploiteren. Dit betrof oa. de open bijwagens 243 en 245 uit deze serie, die hiermee dus weer als paardentrambijwagen, reeds in 1912, gingen dienst doen. Op 4 augustus 1916 kwam eindelijk lijn 12 als elektrische tramlijn in dienst en daarmee konden de wagens 243 en 245 ook buiten dienst worden gesteld.
In december 1916 werden de 39, 243, 245, 249 en de 258(uit een andere serie) verkocht aan de EPU. Bij deze Buffet-Maatschappij "E Pluribus UNUM", die ook op normaalspoor 1435 mm een paardentramdienst onderhield op de lijn Beverwijk - Wijk aan Zee, kwamen de wagens in dienst met hun AOM/GTA-wagenparknummers. Op 8 juni 1924 werd de tramexploitatie beëindigd en namen twee busondernemers, de firma's Huyer en Waterdrinker, het vervoer naar Wijk aan Zee over. De tram was per 1 mei 1924 vanuit Wijk aan Zee al ingekort tot de stadsgrens van Beverwijk, waarmee de tram zijn vervoersfunctie al verloor en een absoluut einde slechts een kwestie van tijd was. Aansluitend werd het materieel afgevoerd.
In hun hele loopbaan hebben de wagens 238-249 slechts op een beperkt aantal paardentramlijnen dienst gedaan,tw.:
De eerste inzet van deze wagens is nochtans onbekend. In de zomer van 1900 waren de twaalf wagens verdeeld over vier paardentramlijnen. De 238, 239 en 240 reden bij mooi weer als vervangers van de vaste wagens 117, 119 en 120 op dienstwagen 6, 8 en 9 van lijn DW (Dam - Willemsparkweg, die werd gereden vanuit de remise Willemsparkweg). De 241 verving bij mooi weer wagen 91 op dienstwagen 7 van lijn DB (Dam - Eerste Constantijn Huygensstraat, die werd gereden vanuit de remise Potgieterstraat). De 242-246 vervingen bij mooi weer de wagens 219, 232, 234, 235 en 236 op dienstwagen 1, 2, 4, 5 en 6 op lijn DV (Dam - Verlengde Vondelstraat, gereden vanuit de remise Stadhouderskade) en tenslotte de 247-249 vervingen bij mooi weer de wagens 169, 171 en 173 op dienstwagen 6, 8 en 10 van lijn DS (Dam - Sarphatistraat, geëxploiteerd vanuit de remise Roetersstraat).
| Voorzien van | Verbouwd tot Provisorisch |
Verbouwd tot | Laatste inzet | |||||||
| Wagennr. | Aflevering | In Dienst | Op Lijn | verlengd balkon | elektrische bijwagen | elektrische bijwagen | Buiten Dienst | op lijn | Afvoer op | Afvoer naar |
| 238 | - -1896 | -05-1896 | - -1901 | --- | - -1904 | - -1915 | - -1915 | gesloopt | ||
| 239 | - -1896 | -05-1896 | - -1901 | --- | - -1904 | - -1916 | -12-1916 | Buffet-Maatschappij "E Pluribus UNUM", Amsterdam (tramlijn Beverwijk- Wijk aan Zee, nr. 239) | ||
| 240 | - -1896 | -05-1896 | - -1901 | --- | - -1904 | - -1916 | - -1916 | gesloopt | ||
| 241 | - -1896 | -05-1896 | - -1901 | --- | - -1904 | - -1915 | - -1915 | gesloopt | ||
| 242 | - -1896 | -05-1896 | - -1901 | --- | - -1904 | - -1916 | - -1916 | gesloopt | ||
| 243 | - -1896 | -05-1896 | - -1901 | --- | - -1904 | 04-08-1916 | 12 | -12-1916 | Buffet-Maatschappij "E Pluribus UNUM", Amsterdam (tramlijn Beverwijk- Wijk aan Zee, nr. 243) | |
| 244 | - -1896 | -06-1896 | - -1901 | --- | - -1904 | - -1914 | - -1914 | gesloopt | ||
| 245 | - -1896 | -06-1896 | - -1901 | --- | - -1904 | 04-08-1916 | 12 | -12-1916 | Buffet-Maatschappij "E Pluribus UNUM", Amsterdam (tramlijn Beverwijk- Wijk aan Zee, nr. 245) | |
| 246 | - -1896 | -06-1896 | - -1901 | --- | - -1904 | - -1914 | - -1914 | gesloopt | ||
| 247 | - -1896 | -06-1896 | - -1901 | --- | - -1904 | - -1915 | - -1915 | gesloopt | ||
| 248 | - -1896 | -06-1896 | - -1901 | --- | - -1904 | - -1914 | - -1914 | gesloopt | ||
| 249 | - -1896 | -06-1896 | - -1901 | --- | - -1904 | - -1916 | -12-1916 | Buffet-Maatschappij "E Pluribus UNUM", Amsterdam (tramlijn Beverwijk- Wijk aan Zee, nr. 249) |


